Aangezien wij, alsook de dierenartsen en zelfs de media, sinds jaren,  nuttige raadgevingen de wereld insturen om met uw gezelschapsdier aangename vakanties door te brengen, zonder minder leuke verrassingen, moet U wel op de hoogte zijn van de te volgen richtlijnen.

Indien dit niet het geval is, omdat U voor de eerste maal met uw hond of kat op vakantie vertrekt, kan U aan uw dierenarts raad vragen, hij is de best geplaatste persoon om dit te doen.

Nochtans moet U weten dat er 2 essentiële zaken zijn om mee te beginnen :

Alle dieren (indien U naar het buitenland vertrekt), moeten geïdentificeerd worden met een “elektronische chip”, leesbaar in alle Europese landen.  De gewone tatoeage  is niet meer voldoende.

Honden en katten moeten in het bezit zijn van een attest van goede gezondheid en ingeënt zijn tegen hondsdolheid.  Deze vaccin dient een maand voor het vertrek te gebeuren.  Indien dit nog niet mocht gebeurd zijn, dan is het de hoogste tijd om een afspraak te maken bij uw dierenarts. Een verwittigd persoon is er 2 waard !

. . . . . . . . . . . . . . . . .

 INENTINGEN

            De basis vaccins bij katten : 

  • Het panleucopenie-virus, verantwoordelijk voor de kattenziekte of katten typhus.
  • Het katten herpes virus
  • KattengriepAndere vaccins bij katten : 
  • hondsdolheid (ingeval van buitenlandse reizen)
  • katten leucose
  • ChlamydioseDe basis vaccins bij honden :ziekte van Carré
  • Parvovirose
  • hepatitis
  • RattenziekteAndere vaccins bij honden :Hondsdolheid
  • KennelhoestBasis vaccin bij frettenDe ziekte van CarréDr CH. LOEMANDierenarts

De angstige hond : hoe beter je hem kent, hoe beter je hem begrijpt

Wanneer iemand geconfronteerd wordt met een hond met een “lage” lichaamshouding (staart onder de buik tussen de achterpoten, hoofd afgewend, ontwijkende ogen, oren achteruit) die de reflex heeft om te vluchten, dan heeft men vaak de neiging om daaruit af te leiden dat het dier een zwaar verleden heeft en/of slecht behandeld werd omdat het nog zo jong is.  Dit is inderdaad een mogelijkheid, al is het lang niet altijd het geval.

Angst wordt hoofdzakelijk erfelijk overgebracht.  Sterker nog, als in de afstamming van de pup, één van de ouders angstig is, is er een niet-verwaarloosbaar percentage waarbij minstens één van de nakomelingen het ook is.  Vandaar het belang, bij het kiezen van een pup bij een fokker, te vragen om de ouders te zien om hun gedrag te kunnen observeren.  Dit zal je meer informatie over hun karakter geven.

Angst wordt door de dagelijkse ervaringen versterkt (of niet).  In het leven van de hond is de inprentingsfase (ook primaire socialisatie genoemd) een cruciale periode.  Dit is een vrij korte, gevoelige fase tijdens de 3e tot 12e week van het leven van de pup (dit is een gemiddelde, want elke pup evolueert anders en de inprentingsfase kan dus individueel verschillen).  Op deze leeftijd zijn de hersenen in volle ontwikkeling.  Gedurende deze periode verwerft een pup de basis van zijn sociale vaardigheden.  Dit leerproces (waarin informatie en vaardigheden worden verworven en niet genetisch worden overgedragen) is krachtig en snel.  Het geeft de hersenen bijna definitief vorm.  Daarom is het cruciaal dat alle ervaringen die de pup tijdens deze periode opdoet positief zijn.  Als dit goed wordt “beheerd” door de eigenaar, kunnen in de hersenen van de pup nieuwe cognitieve kaarten gemaakt worden die zich registreren in zijn neuronen.  De angstige hond zal in staat zijn om te leren socialiseren met de verschillende soorten (mensen, honden, katten, …) waarmee hij in aanraking komt om verschillende omgevingen, geluiden en prikkels te leren kennen, om zichzelf te leren beheersen, …
Al deze elementen worden geclassificeerd en opgeslagen als referentiebasis, waar de hond zijn leven lang kan op terugvallen als hij een nieuwe onbekende situatie tegenkomt.  Het is vanzelfsprekend dat als deze inprentingsperiode slecht wordt ervaren, de angstige puppy niet over de nodige “hulpmiddelen” beschikt die hem helpen om zijn nieuwe ervaringen te plaatsen… wetende dat het leren dat plaatsvindt na de inprentingsperiode 10 tot 100 keer moeilijker te integreren is!

De angstige hond kan zich op verschillende manieren gedragen als hij in een situatie terecht komt die hem bang maakt.  De drie belangrijkste reacties zijn vluchten, agressie of bevriezen.  Ze kunnen apart of tegelijkertijd tot uiting komen.  Het is heel belangrijk om een angstige hond nooit in het nauw te drijven of te forceren, want als hij zich in gevaar voelt en geen mogelijkheid ziet om te vluchten, is er een aanzienlijk risico dat hij het verontrustende element (mens, dier, voorwerp) zal aanvallen.

Het is gebruikelijk dat, wanneer een angstige hond een jogger of een fietser tegenkomt, hij hier recht op af loopt. Dit gedrag wordt proactieve afstandsagressie genoemd.  In feite probeert de hond het element dat hem bang maakt weg te jagen voordat het hem bereikt.  Aangezien er echter bijna altijd een emotionele opwinding gepaard gaat met deze situatie bestaat het risico van controleverlies met mogelijk bijten als gevolg.

Deze vervelende gedragingen zouden, zelfs bij een volwassen hond, met ongeveer 40% verminderd kunnen worden.  Er bestaan verschillende technieken voor gedragsverandering, zoals bijvoorbeeld de tegenconditionering (klassiek en effectief) die uitwerking zal hebben op zijn emotioneel gedrag.  Hierbij wordt een bestaande associatie door een nieuwe vervangen, nl door het leren van ander gedrag.  Om deze technieken toe te passen, is het belangrijk om een beroep te doen op een hondenspecialist (gedragsdeskundige of dierenarts gespecialiseerd in gedrag) die je leert hoe je ze moet gebruiken en die je zal begeleiden om te leren hoe je je huisdier zelfstandig kunt trainen.

Enkele voorbeelden hoe je te gedragen tegenover een angstige hond (deze lijst is niet volledig) :
– kijk hem niet recht in de ogen: kijk liever weg of nog beter, negeer de hond die, als hij dat wenst, vanzelf naar je toekomt;
– breng afstand tussen hem en jou: het beste geschenk dat je hem kan geven;
– aarzel niet om hem, op de grond, enkele smakelijke traktaties te geven: het is belangrijk om niet te proberen hem de snoepjes in je hand te laten nemen, want er is weinig kans dat een angstige hond naar je toe komt.  Gooi ze op de grond en ga weg;
– blokkeer of dwing hem nooit.  Dit zou zijn emotionele disbalans kunnen vergroten en dan is de hond niet in staat om te begrijpen of te leren met het risico dat hij reageert door te bijten.

Denk eraan, als je de eigenaar bent van een angstige hond, dat je hem niet kost wat kost dwingt!  Er bestaan oplossingen die hem in staat kunnen stellen te evolueren naar een emotionele balans en een betere beheersing van stressvolle situaties.  Aarzel niet je te laten bijstaan door een specialist in hondengedrag en geef je hond de tijd om te wennen aan jou en zijn nieuwe gezinsleven.

Anne-Sophie Muffat

Bibliografie:

“Pathologie du comportement du chien et du chat”, Valérie Dramard (Uitgeverij Med’Com) “Tout sur la psychologie du chien”, Joël Dehasse (Uitgeverij Odile Jacob) “Les fondements de l’éthologie”, Konrad Lorenz (Champs Sciences, uitgeverij Flammarion)

Anne-Sophie Muffat

+ 32 (0)473 88 76 81

www.comportementaliste-chien-chat.be <http://www.comportementaliste-chien-chat.be/>

1180 Ukkel (Brussel) – 5080 Warisoulx / La Bruyère (Namen) Co-fondatrice de l’ABCAEB (Association Belge des Comportementalistes Animaliers Éthiques et Bienveillants)